‘Er is geen formule voor succes of geluk, als je doet waarin je gelooft, heb je een voorsprong op anderen. Blijf zoeken naar je passie, zolang je in beweging blijft is er ontwikkeling.’

 

Door Tineke van Werven en Salma Belmoussa

 

Robbert Charoe en ik leren elkaar via Salma Belmoussa kennen.

Het verhaal van Robbert Charoe

Robbert Charoe is 42 jaar. Hij is op 37-jarige leeftijd blind geworden. Het was april 2016 toen het licht uitging. In augustus van datzelfde jaar moest Robbert zijn onderbeen laten amputeren, ten gevolge van afstoting na een Masquelet beenmergtransplantatie. Dit omdat hij een ernstig trauma had opgelopen waarbij botcorrectie noodzakelijk was.

Robbert vertelt dat hij toen geleefd werd doordat hij in een medische rollercoaster terecht kwam. Hij bikkelde door. Hoorde van het revalidatiecentrum dat hij zijn verdere leven voor 80% in een rolstoel zou moeten zitten. Dat was een klap voor hem want Robbert wilde graag weer salsa dansen. ‘Ik heb er alles aan gedaan om niet in de rolstoel te blijven zitten. Helaas viel ik toen ook nog tijdens de revalidatie. Toen adviseerden de artsen mij om mijn pogingen op te geven. Maar juist daardoor kreeg ik een enorme bewijsdrang. Uiteindelijk heb ik lopend het revalidatiecentrum verlaten. Hoe je met een prothese kunt lopen begint dan eigenlijk pas.’

In 2018 ging Robbert voor ‘t eerst weer naar een Salsa feestje. Robbert heeft alles op alles gezet om weer Salsa te kunnen dansen. Met behulp van zijn dansleraar zijn er filmpjes gemaakt van danspassen en de fysiotherapeut heeft geholpen met het analyseren daarvan. Samen met de fysiotherapeut, de chirurg en de prothesebouwer is er een prothese voor de voet ontwikkeld waarmee Robbert weer kan dansen. Nog steeds passen zij de prothese aan op basis van ervaringen in de praktijk.

Medeorganisator van zijn eigen revalidatieproces

‘Via via kwam Thomas van LIVIT-orthopedie op mijn pad. Thomas heeft vroeger KIKA gehad en mist ten gevolge daarvan zelf ook een onderbeen. Daardoor weet hij precies wat ik wil. Eelco Sengers fysiotherapeut, leert mensen weer lopen en sporten en kreeg instructies van een orthopedisch chirurg van Bronovo, een persoonlijke vriend van Eelco. Zo is een krachtige multidisciplinaire samenwerking ontstaan.’

Robbert heeft zijn passie gevolgd, tegen het advies van zijn artsen in. ‘Wel steeds met de nodige pijn, maar als de drang zo groot is, dan kom je er wel. Noodzaak doet bewegen. Je geeft er alles voor. Nu heb ik geen pijn meer, wel nog fantoompijn en soms voel ik mijn onderbeen nog. Na dansen op zaterdagavond neem ik zondag rust. Corona is balen, maar ik blijf wel trainen.’

Levensdrive van Robbert, bergbeklimmen, comedy en podcasts

Het volgende project staat alweer voor de deur. Robbert wil een berg gaan beklimmen. Hij droomt ervan iets met zijn lichaam te doen, waarvan mensen zeggen dat het niet kan. Daarom heeft Robbert bergbeklimmer Wilco van Rooijen een mail gestuurd. Wilco heeft zonder extra zuurstof de Mount Everest beklommen. Wilco vond het interessant. Toen is het idee geboren om samen met andere blinde mensen Mount Damavand in Iran te beklimmen. Mount Damavand is het hoogste punt in het Midden-Oosten. ‘Iran lijkt ons een mooi idee waarbij wij gebruik willen maken van plaatselijke gidsen/sherpa's, die ons als blinde mensen hand in hand naar boven begeleiden, zodat er ook verbinding ontstaat tussen moslims en mensen uit het westen. Een beperking betekent in Iran dat er niets van je verwacht wordt omdat men gelooft dat je niets kunt.’

Laten zien dat ik meetel, wilskracht heb en daar is afzien voor nodig. Om te weten en te voelen dat ik leef en adem

Robbert Charoe

Robbert heeft onderhand een hele bergbeklimploeg bij elkaar:

‘Hein Noordman gaat ook mee. Hij is bergbeklimmer en blind geworden ten gevolge van een val van vijftien meter hoogte, men was vergeten hem te zekeren. Hij is er weer bovenop gekomen. Hein is weer een vriend van Wilco van Rooijen en de prothese bouwer gaat ook mee en een doofblind meisje met het Asscher syndroom. Allemaal gaan wij de Mount Damavand beklimmen.’

Ik ben gefascineerd door de droom van Robbert, waarin hij de lat zo hoog legt en vraag hem wat de droom hem gaat geven: ‘Genoegdoening, ik maak mezelf klaar voor een test. Genoegdoening is de hoogste prijs om te ervaren dat ik leef. Iets zegt mij dat ik naar boven moet, met Noordman deel ik die droom we versterken dat in elkaar. De doelen van morgen zijn acties vandaag. Enthousiasme. We gaan dit gewoon doen, ik geloof erin. Als ik boven de drieduizend meter kom ben ik al blij maar ik wil de top gelegen op vijfduizend zeshonderdtwaalf meter bereiken. In de winter zal het een paar meter meer zijn, vanwege de sneeuw.’

‘Laten zien dat ik meetel, wilskracht heb en daar is afzien voor nodig. Om te weten en te voelen dat ik leef en adem. Puur voor mijzelf. Een dikke middelvinger tegen allen die er niet meer in geloofden. Sommige mensen kwijnen dan weg of worden slachtoffer. Dat kan niet bestaan.’

Genoegdoening, ik maak mezelf klaar voor een test

Robbert Charoe

‘In begin dacht ik zelf ook dat ik geen toekomst meer had, dat geen werkgever mij meer aan zou nemen. Door toeval ben ik in het sprekerscircuit terecht gekomen. Ik ben cabaretlessen gaan volgen en heb comedy erbij gedaan. Ik ben daarbij gecoacht door Farbod Moghaddam, de winnaar van het Leids Cabaret Festival in 2018. Toen ben ik gevraagd of ik mijn verhaal wilde doen voor artsen die de revalidatie opleiding volgen. Via via ben ik in contact gekomen met veroordeelde jongeren. Onderdeel van hun taakstraf is dat ze bij een lezing van mij aanwezig zijn. Van het één komt het ander.’

‘Toen kwam ik erachter dat comedy maken en spreken zo'n mooi vak is. Mooi om te delen, mooi om te zien wat je teweeg kunt brengen bij mensen. Dat geeft zoveel voldoening. Als ik er geen geld voor zou krijgen, zou ik het nog doen. Ik maak grove grappen die passen in comedysetting en daardoor durven mensen vragen te gaan stellen. Hoe makkelijker ik het over mijn beperkingen heb en er mee omga, hoe makkelijker mensen het gesprek erover aan durven te gaan.’ Robbert vindt het grappig om te merken dat gezonde mensen zich ongemakkelijk voelen, terwijl mensen met een beperking het hardst erom moeten lachen.

Comedy biedt Robbert een vrijbrief om het met humor over zijn beperkingen te hebben. ‘Als je er niet om kunt lachen, kun je er ook niet om huilen. Ik mede organiseer comedy avonden in Theater in de Steeg. Iedere dag baal ik van mijn beperkingen. Je kunt niet verbitterd raken, want dan raak je iedereen kwijt.’

Beperkingen kunnen tot hilarische situaties leiden

Robbert heeft weleens eitjes gekookt volgens een handleiding voor blinden. Uiteindelijk bleek hij alleen het water gekookt te hebben. Een ander voorbeeld is dat hij op het toilet zat en er geen toiletpapier bleek te zijn. Ook kwam Robbert een jongetje tegen dat hem wilde helpen omdat hij verdwaald was. ‘Hij pakte de ene kant van mijn stok om mij naar huis te begeleiden. Voor mij best eng, omdat ik mijn taststok niet meer kon gebruiken en bang was om te vallen.’

Iedereen kan iets betekenen, zegt Robbert. Hij vindt het zonde als talenten verloren gaan. Robbert maakt de Podcast Blind Vertrouwen. Hij heeft een interview gehouden met zijn prothesebouwer. Nu maakt hij een prothese waar je een berg mee kunt beklimmen. Robbert probeert ook de chirurg, die zijn onderbeen geamputeerd heeft, te motiveren voor een gesprek. ‘Ik ben zo benieuwd hoe dat voor hem als mens is geweest.’ Zoals jullie op de foto kunnen zien, maakt Robbert ook een podcast van dit interview.

Andere manieren vinden om te bereiken wat je wilt bereiken. Weten wat je wilt, waar je voor staat, hoe je je toekomst voor ogen hebt. Die elementen worden een levensmissie

Robbert Charoe

Leren van mensen die in hetzelfde schuitje zitten

Mensen met een visuele beperking zijn ver gekomen. ‘Ik heb veel van hen mogen leren. Grote voorbeelden zijn de muziek carrière van Iva Marin Adrichem uit IJsland. Zij doet er zelfs nog een studie rechten bij. Zo gedreven zijn, fantastisch! En Sebastiaan Hermans, de enige nog actieve blinde rechter in Nederland, die d.m.v. braille rechten heeft geleerd. Dan moet je een hele dosis doorzettingsvermogen hebben want tekst streaming was er nog niet. En dan na vier jaar Universiteit nog zes jaar voor rechter studeren (RIO).

’ Volgende week ontmoet Robbert Daniël Knegt die blind is geworden door een ongeluk in het leger. Nu doet hij mee aan de Invictus Games. 

‘Dus een visuele beperking maakt eigenlijk niet uit. Zij steken met kop en schouders boven het maaiveld uit in veerkracht en doorzettingsvermogen. Ik wil hen een podium geven in mijn podcasts. Hoelang het gesprek duurt is niet belangrijk. Het gaat erom of het geslaagd is en of mijn gast heeft kunnen vertellen wat hij/zij wilde vertellen. Niet alleen de kommer en de kwel maar wat het die persoon heeft gebracht. Andere manieren vinden om te bereiken wat je wilt bereiken. Weten wat je wilt, waar je voor staat, hoe je je toekomst voor ogen hebt. Die elementen worden een levensmissie.’

‘Kan ik hun blauwprint op de mijne zetten? Robbert laat zich graag inspireren. Ik verdwaal weleens op Den Haag Centraal. Daarentegen gaat Iva in haar eentje van Nederland naar IJsland. Door deze mensen durf ik door te gaan. Over mijn angst heen te stappen en om hulp te vragen.’

Kan ik hun blauwprint op de mijne zetten?

Robbert Charoe

Leven in de stad

Robbert ervaart de toegankelijkheid als wisselvallig. Het ene tramperron is hoger dan het ander. Steeds is er een ander af- of opstapje. Soms is er een tijdelijke halte en zijn daarmee de vertrouwde oriëntatiepunten weggevallen. ‘De vraag is hoe ik op de plaats kom waar ik moet zijn, ik vraag weleens of mensen mij op willen halen om op de plek van bestemming te komen of neem de Regiotaxi of de AV-070.’ Dat zijn voor Robbert redelijk toegankelijke vervoersmogelijkheden. Soms bestelt hij een taxi via Uber.

‘Geleidelijnen kunnen op sommige plekken beter zoals bijvoorbeeld bij het Ministerie van VROM, waar je over fietspaden en trambanen heen moet. Bij het bruggetje zijn er geen geleidelijnen meer tot aan de volgende tramovergang. Soms is er een natuurlijke gidslijn. Het is zo gevarieerd dat ik niet weet hoe het zit.’

Het OV is vaak wel goed in Den Haag. Robbert is weleens in steden geweest waar het veel slechter geregeld is. Hij vraagt wel eens of de chauffeur de halte aan wil geven en wil beschrijven hoe de halte eruitziet. Dan kan hij zich daar een voorstelling van maken en degene die hem op komt halen vertellen waar hij staat, bijvoorbeeld: ‘Ik sta bij het bushokje op de Mauritskade en loop richting plein 1813.’